LVVP verzoekt Menzis werkwijze 2014-2017 door te trekken naar 2018

LVVP verzoekt Menzis werkwijze 2014-2017 door te trekken naar 2018

10-07-2019 Print

Naar aanleiding van de gewonnen arbitragezaak heeft de LVVP Menzis verzocht om ook voor het jaar 2018 af te zien van het terugvorderen van bedragen van LVVP-leden die enkel gebaseerd zijn op de overschrijding van het normatief uurtarief. Voor de jaren 2014 en 2015-2017 was dit al toegekend voor leden van de LVVP. Daarnaast heeft de LVVP Menzis verzocht om -zoals ook afgesproken in de arbitrageprocedure- leden met een instellingscontract gelijk te behandelen als leden met een overeenkomst voor vrijgevestigden.

Zoals u eerder heeft kunnen lezen, heeft de LVVP de arbitragezaak tegen Menzis gewonnen. De uitspraak had betrekking op het terugvorderen van bedragen van LVVP-leden die gebaseerd zijn op de overschrijding van het normatief uurtarief. Alleen als Menzis kan aantonen dat er sprake is geweest van fraude of opzettelijke upcoding, hoeft Menzis de terugvordering niet te restitueren. Artikel 7.9 vermeldt: ‘Wel zal voor terugvordering nodig zijn dat het gaat om een overschrijding van het normatieve uurtarief die structureel en systematisch is, dat een gesprek plaatsvindt tussen Menzis met de zorgaanbieder, dat Menzis nader onderzoek doet en uit dat onderzoek het vermoeden ontstaat dat sprake is geweest van opzet, gericht op upcoding, of van fraude.’

De jaren 2015-2017 en 2018
Het vonnis betrof alleen het jaar 2014. Vervolgens heeft de LVVP Menzis gevraagd dezelfde regeling te hanteren voor de jaren 2015-2017. De overeenkomsten voor die jaren zijn immers op dezelfde leest geschoeid als de overeenkomst voor 2014. Menzis heeft dit inmiddels toegezegd: alle LVVP-leden die in deze periode een contract met Menzis hadden en die een terugvordering hebben gekregen op basis van het normatief uurtarief, zullen dit bedrag teruggestort krijgen. Voor de jaren die nog niet teruggevorderd zijn, zal terugbetaling van overschrijding op basis van het normatief uurtarief achterwege blijven. Hetzelfde hebben wij nu verzocht voor het jaar 2018.

Het jaar 2019
De overeenkomsten ggz die Menzis voor 2019 met ggz-aanbieders heeft gesloten, bevatten wel een zelfstandige grondslag voor het terugvorderen van een overschrijding van het normatief uurtarief. De regeling kan daarom niet toegepast worden op 2019. Als u in 2019 op basis van het normatief uurtarief uw omzetplafond overschrijdt en Menzis vordert dit bedrag terug, dan is deze terugvordering dus niet aan te vechten!

Instellingscontract versus vrijgevestigdencontract
Bij de afrekeningen 2014 tot en met 2017 heeft Menzis aan LVVP-leden met een instellingscontract laten weten dat zij niet onder de uitkomst van de arbitrage vallen. Dit is echter ons inziens niet juist. In de arbitrageprocedure is de toezegging aangehaald dat Menzis LVVP-leden met een instellingscontract op gelijke wijze zal behandelen als leden met een overeenkomst voor vrijgevestigden. Het arbitrale vonnis geldt voor alle LVVP-leden, ongeacht de contractvorm. Daarom hebben wij Menzis verzocht dit onderscheid bij de toepassing van het normatief uurtarief niet langer te maken.

Ook interessant

LVVP-congres: Stefan van der Stigchel over aandacht en concentratie

'Ik dacht dat ik mensen zou moeten waarschuwen dat we naar de kloten gaan, maar het is bijna een optimistisch

Lees meer

7 oktober 2019: regiobijeenkomst ‘Organisatie en inhoud van uw praktijk anno 2019’

De bijeenkomst is in Utrecht en duurt van 16-20 uur. Meld u zo snel mogelijk aan, want vol is vol!

Lees meer