Zorgprestatiemodel: webinars, epd, simulatie en implementatiekosten

Zorgprestatiemodel: webinars, epd, simulatie en implementatiekosten

01-04-2021 Print

We gaan de laatste spannende fase in met het zorgprestatiemodel! De LVVP werkt hier heel hard aan mee in een strak tijdpad. Houd onze berichtgeving in de gaten. Ook zijn de eerste resultaten van de simulatie bekend en staan er drie webinars gepland over drie verschillende aspecten van het zorgprestatiemodel. Het eerste webinar is al op 20 april aanstaande.

Strak tijdpad
Om u een indruk te geven: gisteren, op 31 maart jl., vond het bestuurlijk overleg met de Nederlandse Zorgautoriteit plaats, op dinsdag 6 april komt de Raad van Bestuur van de NZa bijeen die de regelgeving dan zal vaststellen, op vrijdag 9 april wordt deze regelgeving gepubliceerd en op maandag 12 april wordt hierover naar u als leden gecommuniceerd. Houd de berichtgeving dus in de gaten.

Webinars en e-academy
De komende tijd zal er veel gedaan worden om alle zorgverleners op te leiden. Hiervoor wordt een e-academy opgezet. Ook worden er webinars georganiseerd. Deze vinden overdag plaats, maar worden wel opgenomen, zodat u ook op een later moment kunt (terug)kijken. Het voordeel van live kijken is uiteraard dat u uw vragen kunt stellen in de chat. De data en onderwerpen zijn als volgt:

  • dinsdag 20 april 2021 om 14.30 uur: prestaties, settings* en tarieven**
  • maandag 17 mei 2021 om 10.00 uur: zorgvraagtypering
  • dinsdag 25 mei 2021 om 14.30 uur: beroepen en overige onderwerpen

 

* Zie hiervoor ook concept indeling zorgprestaties en settings die op 4 maart 2021 is gepubliceerd. De vrijgevestigden vallen in setting 1: ambulant – kwaliteitsstatuut sectie II.
** Zie ook de lijst met concepttarieven voor vrijgevestigden op Mijn LVVP (alleen voor leden), een extract van het totaaloverzicht van de concepttarieven.

Vooraf aanmelden voor de webinars is niet nodig. U vindt de links naar de verschillende webinars op de website van het zorgprestatiemodel.

Ga werken met een elektronisch patiëntendossier
Maakt u nog geen gebruik van een epd? Dan dringen we er bij u op aan dat u, in de aanloop naar het nieuwe zorgprestatiemodel, overstapt. Ook als u wel gebruik maakt van praktijksoftware, maar niet van de epd-functie, adviseren wij u nadrukkelijk om ook het digitale dossiergedeelte te gaan gebruiken.

Drie belangrijke redenen om tijdig gebruik te maken van een adequaat epd

  1. Zorgvraagtypering. Onderdeel van de nieuwe bekostiging is de zorgvraagtypering. Deze wordt in kaart gebracht met de HoNOS+-vragenlijst. Deze moet online worden ingevuld. Via een koppeling met de praktijksoftware wordt deze deels gevuld vanuit het epd. Ook het algoritme dat aan de zorgvraagtypering ten grondslag ligt, wordt in het epd ingebouwd. Eerder hebben we bericht dat u geen zorgvraagtypering kunt doorlopen als u geen epd heeft. Inmiddels is gebleken dat er mogelijk aan alternatieven wordt gewerkt voor het typeren van de zorgvraag. Het hoe, wat en wanneer hiervan is echter nog onduidelijk. Daarnaast blijven de argumenten hieronder bij punt 2 en 3 natuurlijk ook van kracht. De uitkomsten van de zorgvraagtypering zullen centraal geüpload worden in een landelijke database. Uiteraard beslist u zelf of u wel of niet met een epd gaat werken. Maar wij willen u toch waarschuwen dat het vanaf 2022 lastiger zal blijken indien u niet met een epd werkt.
  2. Planning is realisatie. Uw digitale agenda is straks de belangrijkste bron voor de declaratie. Als u uw afspraken inplant in het epd, is dat straks met een druk op de knop om zetten naar een factuur. Die bestaat dan immers enkel uit ingeplande consulten, waarbij het principe ‘planning is realisatie’ geldt: plant u een gesprek van 45 minuten in, dan declareert u dus een consult van 45 minuten.
  3. Toename aantal declaraties. U declareert in 2022 niet meer in één keer het zorgtraject (product of dbc) bij afronding zoals u dat nu gewend bent, dus alleen aan het einde van het traject. Maar u declareert alle afzonderlijke consulten. Vanaf 2022 declareert u dus vaker dan nu, mogelijk maandelijks. Voor de patiënt is zo veel inzichtelijker hoe de kosten van de behandeling zijn opgebouwd. Met een epd kunt u heel eenvoudig alle consulten over een bepaalde periode groeperen en op één factuur plaatsen.

Meer over de zorgvraagtypering leest u hier. Volg ook het webinar van maandag 17 mei 2021 over dit onderwerp.

Eerste resultaten simulatie: onderzoek naar financiële impact zorgprestatiemodel
Om te bepalen wat de invoering van het zorgprestatiemodel financieel gaat betekenen, worden er meerdere zogenaamde simulaties gedaan. Bekende gegevens van afgeronde behandelingen worden vertaald naar de benodigde gegevens voor facturering volgens het nieuwe zorgprestatiemodel. Vervolgens wordt doorgerekend wat voor omzet dit zou opleveren. En wat dus de financiële impact van het zorgprestatiemodel is. Die impact zal sterk kunnen verschillen per praktijk.

In het zorgprestatiemodel gebeurt de declaratie per consult. Het tarief voor een consult wordt bepaald door een aantal factoren:

  • de setting waarin u werkt, voor vrijgevestigden zal dat vrijwel altijd de setting ambulant – kwaliteitsstatuut sectie II zijn (= setting 1)
  • het BIG-beroep
  • het type consult: diagnostiek of behandeling
  • de duur van het consult
  • of het een groepsbehandeling is of niet

 

De individuele resultaten van de simulatie worden voornamelijk beïnvloed door:

  1. het aandeel indirecte tijd;
  2. de inzet van beroepen;
  3. het huidige aantal behandelingen in een product of dbc.

 

In het zorgprestatiemodel wordt gerekend met een gemiddelde opslag voor a. indirecte tijd. Kent uw praktijk een hoger gemiddelde opslag (waarbij u dus meer indirecte tijd schrijft dan gemiddeld), dan wordt dat meerdere straks niet meer betaald. Kent uw praktijk een lagere opslag (waarbij u dus minder indirecte tijd schrijft dan gemiddeld), dan krijgt u straks toch een hogere vergoeding voor de indirecte tijd.

In het zorgprestatiemodel wordt betaald voor het b. beroep dat ingezet is. Voor sommige beroepen houdt dat dus in dat die een lagere vergoeding krijgen dan nu het geval is, waar anderen juist een hogere vergoeding krijgen. De basis-psycholoog krijgt bijvoorbeeld een lagere vergoeding, de klinisch psycholoog een hogere vergoeding.

Is het c. aantal behandelsessies in uw praktijk in een product (in de generalistische basis-ggz) lager dan waarop dat product is gebaseerd, dan krijgt u in het zorgprestatiemodel minder betaald omdat er alleen betaald wordt voor de geleverde consulten. Het tegenovergestelde kan gelden als u juist meer tijd kwijt was. Datzelfde geldt voor de tijd binnen een dbc (in de gespecialiseerde ggz). Als de behandeling vroeg in een dbc eindigde, ontving u een relatief hoog uurtarief. In het zorgprestatiemodel declareert u de daadwerkelijk gewerkte tijd, dat zijn dus de geleverde consulten, en zal uw uurtarief dus constant zijn.

De simulaties die nu zijn gedaan, zijn gebaseerd op NZa-concepttarieven. De huidige tarieven zijn namelijk nog niet definitief. Voor de zomer kunnen we een tweede simulatie doen, dan met de definitieve NZa-tarieven. Echter, ook die simulatie zal nog niet het definitieve beeld geven, omdat het tarief in uw contract daar nog van kan afwijken. De simulatie op basis van concepttarieven is wel van belang, omdat we nu al een beeld willen krijgen van de financiële impact of eventuele bijzonderheden.

VWS wijst verzoek om vergoeding implementatiekosten zorgprestatiemodel af
Een nieuw model implementeren kost tijd en (dus) geld. Zorgaanbieders hebben voor de extra eenmalige implementatiekosten van het zorgprestatiemodel echter geen ruimte in de tarieven, noch in de contracteringsafspraken. Partijen in de ggz, waaronder de LVVP, hebben het ministerie van VWS daarom gevraagd om een tegemoetkoming in de extra implementatiekosten van het zorgprestatiemodel. VWS vindt dat deze kosten uit de opbrengsten van zorg gefinancierd moeten worden en heeft dit verzoek daarom afgewezen. Wij zijn zeer teleurgesteld over deze reactie, te meer daar wij bij voortduring hierop gewezen hebben. Partijen hebben daarom voorgesteld een bestuurlijk overleg te voeren over dit onderwerp, met als doel om af te spreken hoe deze kosten voor zorgaanbieders kunnen worden vergoed. Wordt vervolgd.

Ook interessant

Nieuw: de LVVP-poll

U wilt contact opnemen met de huisarts om te overleggen over een van uw patiënten. Moet u hiervoor toestemming

Lees meer