Over de LVVP

Branchepartijen bewaken medisch beroepsgeheim in jeugd-ggz

Branchepartijen bewaken medisch beroepsgeheim in jeugd-ggz

04-02-2015 Print

De Jeugdwet gebiedt dat vertrouwelijke (medische) informatie niet in handen mag komen van onbevoegden. Dat stagneert enerzijds het declaratieverkeer en anderzijds moeten vrijgevestigde ggz-professionals in sommige gemeenten toch melden welke zorg zij aan een kind of jeugdige hebben gegeven. De Jeugdwet moet daarom – via de Veegwet- worden aangepast. Maar omdat dat nog even duurt, hebben staatssecretaris van Rijn (VWS), staatssecretaris Dijkhoff (Veiligheid en Justitie) en de VNG alvast een tijdelijke ministeriële regeling opgesteld. Branchepartijen waaronder de LVVP spreken hun zorgen uit en dringen aan op waarborgen en afspraken over aanvullende regelgeving voor gemeenten.

Deze tussentijdse regeling, die vooruitloopt op de Veegwet die de Jeugdwet moet aanpassen, is op 6 augustus gepubliceerd in de Staatscourant. Diverse brancheorganisaties waaronder de LVVP spreken in een brief bij beide staatssecretarissen en de VNG hun zorgen uit en dringen erop aan om voldoende waarborgen in te bouwen, zodat niet méér gegevens worden verstrekt dan voorheen, toen de jeugd-ggz nog onder de Zorgverzekeringwet en de AWBZ viel. Partijen verzoeken de staatssecretarissen om in gesprek te gaan over nadere afspraken over de aanvullende regelgeving voor gemeenten die nu ontbreekt. Tot het zover is verzoeken de branchepartijen de staatssecretarissen om de door het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) gestelde voorwaarden in acht te nemen.

 

Voorwaarden CBP
Het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) heeft eerder al aangegeven dat het doorgeven van gevoelige informatie voor de bekostiging van de jeugdhulp in de Jeugdwet niet goed is geregeld. Vervolgens heeft het CBP onlangs advies uitgebracht over een voorstel tot de genoemde tijdelijke regeling en verbindt daar strikte voorwaarden aan:

  • In de zogenoemde Veegwet moet zo snel mogelijk een expliciete en specifieke verplichting worden opgenomen voor de doorbreking van de geheimhoudingsplicht voor bekostiging van jeugdhulp.
  • De gegevens die jeugdhulpverleners aan gemeenten mogen verstrekken, dienen tot een minimum te worden beperkt. Het kan alleen gaan om de gegevens die gemeenten tot de inwerkingtreding van de Veegwet minimaal nodig hebben om declaraties te kunnen betalen en om gevallen van evidente fraude te kunnen tegengaan.
  • Evenals in de Zorgverzekeringswet het geval is, moet ook voor de jeugd-ggz een mogelijkheid komen om via een zogeheten opt-out-regeling (privacyverklaring) aan te geven dat de diagnosegegevens niet op de factuur mogen worden vermeld. Zie hierover ook de informatie onder deze link.
  • Het uitgangspunt moet worden gehandhaafd om géén materiële controle toe te staan voordat de Veegwet in werking is getreden. Materiële controle impliceert dat de gemeente medische gegevens mag verwerken om de rechtmatigheid van declaraties te controleren. De voorgenomen tijdelijke regeling maakt het mogelijk om in bepaalde gevallen waarbij cliënten een privacyverklaring hebben, wél over te gaan tot deze vorm van controle. Terwijl dit juist de cliënten zijn die uitdrukkelijk bezwaar hebben gemaakt tegen het verstrekken van diagnose-informatie aan de gemeente.
  • De inhoud van de tijdelijke regeling voor het verstrekken van gegevens ten behoeve van de declaraties van jeugdhulp moet zijn afgestemd met vertegenwoordigers van jeugdhulpverleners en gemeenten. Zij moeten gezamenlijk kunnen instemmen met de in de tijdelijke regeling opgenomen minimaal benodigde gegevens.

 

Landelijk Platform GGz wilde uitstel tijdelijke regeling
Het LPGGz pleitte eerder voor uitstel van de tijdelijke regeling persoonsgegevens op jeugdwet-facturen. Het Platform vond dat eerst moet worden onderzocht hoe betalingen kunnen plaatsvinden zonder dat de geheimhoudingsplicht wordt doorbroken. Daarnaast hadden cliëntenorganisaties de kans moeten krijgen om tot een gewogen reactie te komen, aldus het LPGGz. Medio juli ontvingen cliëntenorganisaties "het verzoek om, binnen een dag, een reactie te geven op het concept van de tijdelijke ministeriële regeling voor persoonsgegevens op jeugdwet-facturen", zo schreef het platform in een brief aan de Kamer. "Juist bij een regeling waarbij het beroepsgeheim en de privacy van kinderen in het geding zijn, moet zorgvuldigheid worden betracht. We willen kunnen beoordelen in hoeverre de veiligheid van de patiëntgegevens (van kinderen en hun ouders) goed geborgd zijn en of het beroepsgeheim voldoende erkend wordt en daarmee de patiëntgegevens".

 

Kamervragen
Betalingsgemak mag niet de reden zijn om het medisch beroepsgeheim via een ministeriële regeling opzij te schuiven. Dat stellen de Kamerleden Vera Bergkamp (D66) en Mona Keijzer (CDA) medio juli jl. in vervolgvragen over het kabinetsbesluit om jeugdzorgverleners te verplichten medische gegevens met gemeenten te delen. De vertrouwelijkheid van bijvoorbeeld gegevens die onder het medisch beroepsgeheim vallen en gegevens over een rechtelijke uitspraak in het kader van jeugdbescherming, zijn in de ogen van Keijzer en Bergkamp "dermate belangrijk dat deze niet via een ministeriële regeling opzij geschoven mogen worden, enkel en alleen omdat dit de administratieve verwerking van declaraties ten goede komt". Voor de bewindslieden zijn de betalingsproblemen tussen gemeenten en jeugdzorgaanbieders de belangrijkste reden om aanbieders te verplichten medische gegevens van kinderen met gemeenten te delen. De Kamerleden willen tevens opheldering over de zogeheten bestuurlijke afspraken die eind juni zijn gemaakt met de VNG.
Het steekt de Kamerleden bovendien dat de bewindslieden deze stap hebben genomen, terwijl een concept-Veegwet voor behandeling bij de Kamer ligt. De afspraken die nu in de tijdelijke ministeriele regeling zijn vastgelegd, moeten uiteindelijk in de Veegwet worden opgenomen.
Staatssecretaris Van Rijn heeft de vragen van de Kamerleden op 31 juli jl. beantwoord. U kunt zijn antwoorden hier lezen. De tijdelijke ministeriële regeling is daar een neerslag van.

 

Waarborgen en garanties
De LVVP staat zeer kritisch tegenover oprekking van de geheimhoudingsplicht ten aanzien van persoonlijke, medische gegevens van cliënten. Wij hebben dit reeds op verscheidene manieren laten weten en nu nogmaals in de kritische brief die we samen met collega-organisaties hebben verzonden. We zien echter ook dat er een vacuüm is, met als gevolg dat het declaratieverkeer niet op gang komt. Dat het CBP uitspraken doet en adviezen geeft is dus noodzakelijk, maar wij vragen ons wel af of het advies van het CBP een scherpe koers uitzet. De zorgvuldig gekozen woorden maken het lastig om de werking van het advies in de praktijk te kunnen toetsen. Onze zorg blijft de garantie dat alleen bevoegde personen bij de gegevens mogen en dat de gegevens uitsluitend voor het gestelde doel -jeugd-ggz- worden gebruikt.

 

We wachten het antwoord van de staatssecretarissen en de VNG op onze brief af. In de tussentijd geldt de genoemde tijdelijke ministeriële regeling, waarin wordt verwezen naar de declaratieregels voor de generalistische basis-ggz en de gespecialiseerde ggz. We houden u op de hoogte van de ontwikkelingen!

Ook interessant

LVVP-expertteam e-mental health gaat platforms testen

Vijf LVVP-leden kunnen zich expert noemen op het terrein van e-mental health (emh). Zij hebben deelgenomen aan de eerdere pilot ...

Lees meer