Over de LVVP

Koepelorganisaties: nieuwe regels jaarverantwoording onbetaalbaar en onuitvoerbaar

Koepelorganisaties: nieuwe regels jaarverantwoording onbetaalbaar en onuitvoerbaar

10-12-2020 Print

De nieuwe regels voor de openbare jaarverantwoording zijn onuitvoerbaar en kosten LVVP-leden en andere eerstelijns zorgverleners minstens 100 miljoen euro. Dat is onaanvaardbaar voor de LHV, de LVVP en de andere eerstelijnscoalitiepartners, die willen dat de ministeriële regeling terug naar de tekentafel gaat.

De eerstelijnscoalitie* maakt zich grote zorgen over de impact van de nieuwe ‘Regeling jaarverantwoording WMG’. Kleinschalige eerstelijnszorgaanbieders worden namelijk geconfronteerd met een onacceptabele lastenverzwaring, zowel administratief als financieel. Zo hebben accountants berekend dat alleen al de accountantscontrole, slechts één van de nieuwe verplichtingen onder de regeling, de eerstelijnszorg jaarlijks 100 miljoen euro zal kosten.

Daarnaast moet er ook een jaarrekening volgens een voorgeschreven model worden gemaakt, jaarlijks een vragenlijst over de financiële bedrijfsvoering worden ingevuld en een bestuursverslag worden opgesteld.

Disproportioneel

De nieuwe eisen vloeien voort uit bredere wetgeving gericht op het bestrijden van fraude en het versterken van het toezicht in de zorg. In de eerder aangenomen Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) zijn meer verplichtingen opgenomen, zoals een meldplicht, vergunningsplicht en eisen aan de bestuursstructuur. De regeling omtrent de openbare jaarverantwoording is een uitwerking van enkele wijzigingen die met deze wet samen hangen.

Binnen de eerstelijnszorg komt fraude echter nauwelijks voor, terwijl de impact van de regeling groot is. Het is dan ook disproportioneel om een hele sector aanvullende informatie te laten verstrekken met het oog op fraudebestrijding, terwijl uit onderzoek blijkt dat fraude bij kleinschalige eerstelijns zorgaanbieders nauwelijks voorkomt.

Daarnaast blijkt het ook onuitvoerbaar voor zorgverleners én accountants. Accountants kunnen op basis van de nu gestelde verplichtingen namelijk geen goedkeurende verklaring afgeven, omdat binnen de eerstelijnszorg de noodzakelijke organisatiestructuur, met scheiding van functies, ontbreekt.

Kleine en grote zorginstellingen

Dit raakt ook gelijk aan het overkoepelende bezwaar dat de eerstelijnscoalitie heeft aangedragen. Deze wetgeving is opgesteld met grote zorginstellingen in gedachten. Kleinschalige eerstelijns zorgaanbieders zijn echter heel anders georganiseerd. De zorgverlener is zelf ook de praktijkhouder. Een managementlaag of administratie die deze lasten op kan pakken, ontbreekt. Elke nieuwe administratieve last gaat dus rechtstreeks ten koste van patiëntentijd.

De afgelopen jaren hebben de lasten zich opgestapeld en het ministerie lijkt zich onvoldoende bewust van de impact die dit heeft op kleinschalige zorgaanbieders. Daarom pleit de eerstelijnscoalitie ervoor om de huidige regeling te schrappen en samen met de eerstelijn een nieuwe regeling te ontwerpen, die zowel toeziet op een juiste besteding van publiek geld als de impact zoveel mogelijk beperkt.

Naast een reactie op de internetconsultatie die de partijen nu ingediend hebben, heeft de eerstelijnscoalitie een brief gestuurd naar de Regiegroep (Ont)Regel de Zorg, worden Tweede Kamerleden benaderd en sturen wij aan op bestuurlijk overleg met het ministerie van VWS.

Het ministerie van VWS heeft inmiddels contact gezocht om een afspraak te maken met de LHV en de KNMT, die alle betrokken partijen zullen vertegenwoordigen. Ook minister Tamara van Ark (Medische Zorg) heeft al via de media laten weten snel met de koepelorganisaties in gesprek te gaan over de wet. „Ik vind de balans tussen enerzijds voldoende verantwoording – om te voorkomen dat geld dat voor de zorg is bedoeld daar niet terechtkomt – en anderzijds zo min mogelijk administratieve lasten heel belangrijk”, aldus de minister.

Klik hier voor meer informatie over de Wtza

* De eerstelijnscoalitie bestaat uit deze twaalf eerstelijnspartijen: Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), de beroepsorganisatie van tandartsen, orthodontisten en kaakchirurgen (KNMT), de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP), Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF), Associatie Nederlandse Tandartsen (ANT), Organisatie van Nederlandse Tandprothetici (ONT), de LVVP, InEen (eerstelijnsorganisaties), NVvP (psychiaters) en de NVM-mondhygiënisten.

Ook interessant

BIG-nummer vermelden verplicht per 1 januari 2021, maar u hoeft nu niets te doen

Op 2 april 2020 is het aangepaste besluit met de regels voor de verplichting het BIG-nummer te vermelden officieel bekend gemaakt. Hierin ...

Lees meer

Nieuwe zorgstandaard psychotrauma-en stressorgerelateerde stoornissen gepubliceerd

Onlangs is de zorgstandaard voor psychotrauma- en stressorgerelateerde stoornissen gepubliceerd. Naast posttraumatische-stressstoornis (PTSS) wordt er in de zorgstandaard aandacht besteed ...

Lees meer