Over de LVVP

Monitor Transitie Jeugd: toegang tot jeugdhulp loopt niet goed

Monitor Transitie Jeugd: toegang tot jeugdhulp loopt niet goed

04-02-2015 Print

Uit de tweede kwartaalrapportage 2015 van de Monitor Transitie Jeugd blijkt dat de toegang en verwijzing naar jeugdhulp niet goed verloopt. Dit leidt tot onduidelijkheid en onnodige vertraging voor kinderen om de noodzakelijke zorg te krijgen. Hetzelfde geldt voor andere problemen die LVVP-leden ervaren als gevolg van de transitie, zoals het betalingsverkeer, de privacy en de toename van administratieve lasten. We hebben onze zorgen hierover recentelijk onder de aandacht gebracht bij de VNG en bij Kamerleden. Dat heeft geresulteerd in deelname van de LVVP aan het VNG-overleg over bekostiging van de jeugd-ggz, in Kamervragen van GroenLinks en een verzoek van de Vaste Kamercommissie voor VWS aan staatssecretaris Van Rijn om te reageren op onze brief.

Ten slotte hebben we recentelijk de wethouders van de 42 regio’s in Nederland die jeugd-ggz in hun portefeuille hebben een brief gestuurd. In deze brief vragen wij aandacht voor knelpunten die k&j-leden ervaren ten aanzien van het declaratiesysteem, privacy, systeemtherapie, administratieve lastenverzwaring en bureaucratie. Een van de verzoeken die de LVVP in de brief noemt, is een oplossing voor het betalingsverkeer: eenduidige landelijke afspraken over de te gebruiken productcode, dat wil zeggen één uitwisselbaar administratief systeem, zodat het betalingsverkeer van vrijgevestigden wordt gegarandeerd.

De LVVP hoopt dat de wethouders de oproep ter harte nemen.
Aangezien de LVVP niet beschikt over alle emailadressen van de wethouders in Nederland die jeugd-ggz in hun portefeuille hebben, raden wij u aan om – desgewenst – de brief ook te mailen aan de wethouder in uw eigen (rand)gemeente. De AKJP in Amsterdam heeft deze problemen overigens al geadresseerd bij de gemeente Amsterdam. Aldaar is het doorsturen van de brief niet aan de orde.

 

De Monitor Transitie Jeugd krijgt verhalen van ouders binnen, waaruit blijkt dat lokaal de informatie over toegang tot de jeugdhulp vaak ontbreekt of onvoldoende is. Wanneer mensen wel de juiste toegang vinden om hun zorgvraag te uiten, is het voor hen onduidelijk op welke manier hier opvolging aan wordt gegeven en duurt het soms langer dan de toegestane termijn (8 weken) voordat er een beschikking wordt afgegeven. Als de beschikking er eenmaal is, is de kans groot dat ouders geconfronteerd worden met lange wachtlijsten, oplopend van een half jaar tot een jaar voor gespecialiseerde zorg.

 

Wijkteams weren professionals

Om mensen met een zorgvraag adequaat te kunnen helpen, is het essentieel dat er voldoende deskundigheid aanwezig is bij het gemeenteloket, de wijkteams en de centra voor jeugd en gezin. Op dit moment bestaan de meeste wijkteams uit generalisten en is er vaak gebrek aan expertise op specifieke terreinen. Wijkteams zouden actief de expertise van andere professionals moeten kunnen inroepen. Dit gebeurt nu niet, blijkt uit het aantal meldingen: andere professionals worden soms door het wijkteam buiten spel gezet.

 

Vervolgrapportages

De Monitor Transitie Jeugd bestaat uit het Zorgbelang, Uw Ouderplatform, Ieder(In), MEE Nederland, LOC en Landelijk Platform GGz. De kwartaalrapportages worden tot eind 2016 uitgebracht. De volgende rapportage komt uit in oktober 2015. Wilt u tussentijds op de hoogte blijven van de Monitor Transitie Jeugd, dan kunt u zich hier inschrijven voor de nieuwsbrief die regelmatig verschijnt. Meldingen kunnen worden gedaan via: www.monitortransitiejeugd.nl.

 

Enquête onder LVVP-leden levert cijfers over jeugd-ggz

De LVVP heeft in mei 2015 een enquête onder haar leden gehouden, waaruit blijkt dat veel leden knelpunten ervaren in het kader van de Jeugdwet. We hebben onze leden gevraagd of zij een contract hebben met de voor hun praktijk belangrijkste gemeente: 81% heeft een contract, waarvan 25% alleen voor de gb-ggz, 11% voor de g-ggz, 10% heeft twee contracten voor beide echelons en 33% heeft een gecombineerd contract. Bijna twee derde van de leden heeft een maximum omzetplafond gekregen en bij bijna 60% is ROM als voorwaarde in het contract opgenomen. Daarnaast heeft 60% een contract met de belangrijkste randgemeente, terwijl bijna 20% er bewust voor heeft gekozen om dit niet te doen.

Het grootste deel van de leden kan niet declareren en voor een derde bestaat nog onduidelijkheid over de tarieven: slechts een kwart van de leden geeft aan dat zij de zorg kunnen declareren bij de gemeenten. Veelal is niet bekend hoe men moet declareren of er zijn softwareproblemen. Voor ruim een derde van de leden is het tarief dat zij ontvangen voor de gb-ggz en/of de g-ggz niet duidelijk. De meeste gemeenten betalen per zorgproduct of dbc en geven een percentage van het NZa-tarief van 2014. Zeker 80% van de respondenten geeft aan dat zij problemen ervaren in de uitwisseling van gegevens met de gemeente en/of het CBS. Problemen worden ervaren doordat gemeentes dossiers opvragen, door inadequate software of in contact met onder meer wijkteams. De helft van de leden heeft problemen met de verwijzingen van kinderen en jeugdigen; 10% ontvangt geheel geen verwijzing. Sommige leden nemen geen kinderen in behandeling vanwege alle onduidelijkheid.

 

We houden u op de hoogte van de antwoorden van staatssecretaris Van Rijn op onze vragen en blijven ons inzetten om de knelpunten van tafel te krijgen!

Ook interessant

Aanpassing artikel 13 opnieuw ter discussie

Nu de senaat in december tegen aanpassing van artikel 13 van de Zorgverzekeringswet heeft gestemd, komt het kabinet met een nieuw ...

Lees meer

LPGGz organiseert symposium Zelfmanagement en passende zorg

Bent u opzoek naar inspiratie en wilt u meedenken over passende zorg en zelfmanagement in de ggz? Kom dan op 27 ...

Lees meer