Over de LVVP

Privacy nog steeds niet goed geregeld in Jeugdwet

Privacy nog steeds niet goed geregeld in Jeugdwet

04-02-2015 Print

Zoals we reeds eerder berichtten, heeft het ministerie van VWS in april de Veegwet ingediend bij de Tweede Kamer. Een veegwet is bedoeld om onvolkomenheden in wetgeving te verhelpen. Een belangrijk punt in deze Veegwet is dat er een bepaling in de Jeugdwet bijkomt die het mogelijk maakt dat jeugdhulpverleners gegevens mogen verstrekken aan de gemeente voor de financiële afwikkeling en controle op de jeugdzorg en jeugd-ggz.

Jeugdhulpverleners moeten zich ingevolge de Jeugdwet namelijk houden aan hun geheimhoudingsplicht, terwijl zij tegelijkertijd gegevens over jeugdige ggz-cliënten moeten verstrekken aan de gemeente. De reden daarvan ligt bij een lacune in de Jeugdwet waarin een bepaling over het doorbreken van de geheimhoudingsplicht ontbreekt, aldus het eerdere oordeel van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP).

 

De Veegwet werd op 23 april tijdens de procedurevergadering van de commissie VWS in de Tweede Kamer besproken. De Tweede Kamer stelde vervolgens op 21 mei schriftelijke vragen en op 26 mei gaf de Tweede Kamercommissie voor VWS een reactie op de Veegwet. In deze reactie heeft met name het CDA de punten ingebracht uit de e-mail die de LVVP samen met GGZ Nederland, KNMG, LPGGz en een aantal andere partijen aan de Tweede Kamer heeft gestuurd. We sluiten daarbij aan op het advies van het College bescherming persoonsgegevens (CBP).

 

CBP: wijzigingen voldoen nog steeds niet aan eisen doorbreking geheimhoudingsplicht

Het CBP constateert dat met de voorgestelde wijzigingen nog steeds niet wordt voldaan aan de eisen voor de wettelijke doorbreking van de geheimhoudingsplicht. Een van de voorgestelde wijzigingen van de Jeugdwet is dat bekostiging als doel voor de verwerking van gegevens door gemeenten is toegevoegd. Maar daarmee is er nog steeds geen expliciete wettelijke verplichting voor jeugdhulpverleners om persoonsgegevens voor dit doel te verstrekken aan gemeenten.   

Daarnaast gaan de voorgestelde wijzigingen alleen over verwerking van persoonsgegevens bij declaraties op individueel niveau. Een verplichting om de geheimhoudingsplicht te doorbreken moet echter ook gelden bij andere vormen van bekostiging en voor controle.

Het wetsvoorstel laat het aan betrokken partijen zelf over om te regelen wanneer jeugdhulpverleners persoonsgegevens moeten doorgeven aan gemeenten en welke gegevens dit zijn. Dit leidt niet tot een verplichting, aldus het CBP. De aard en omvang van de verplichting tot verstrekking van persoonsgegevens moet wettelijk worden verankerd.

Ook wijst het CBP erop dat er een uitzondering nodig is voor cliënten in de ggz die bezwaar hebben tegen het verstrekken van hun gegevens aan de gemeente.

Het CBP krijgt veel vragen uit het veld over de rechtmatigheid van het verstrekken van persoonsgegevens bij de betaling van jeugdhulp. Mocht uit onderzoek blijken dat er in strijd met de Wet bescherming persoonsgegevens en de Jeugdwet persoonsgegevens zijn verstrekt, dan zet het CBP zo nodig handhavende bevoegdheden in.

 

Hoe te handelen als vrijgevestigde ggz-professionals in de jeugd-ggz?

We merken dat veel leden behoefte hebben aan een handvat aan de hand waarvan zij kunnen bepalen hoe te handelen ter bescherming van de privacy van hun jeugdige patiënten. Elders in deze nieuwsbrief schrijven we over de materiële controle door zorgverzekeraars. Dat is een controle op de rechtmatigheid van geleverde zorg binnen de Zorgverzekeringswet. Die controle staat soms op gespannen voet met de bescherming van patiëntgegevens en het beroepsgeheim van de zorgaanbieder. Dat geldt evenzeer voor de controle door gemeenten in het kader van de Jeugdwet. In afwachting van een specifieke wettelijke verankering van en voorwaarden voor de verstrekking van persoonsgegevens, adviseren wij u als vrijgevestigd jeugd-ggz-aanbieder het volgende:

  • Als uw gemeente vraagt om patiëntgegevens voor zorgtoewijzing en declaraties dan moet u daar telkens expliciet toestemming voor hebben van de patiënt of diens wettelijke vertegenwoordiger.
  • Voorwaarde voor digitale informatie-uitwisseling is uiteraard dat de verbinding is beveiligd. Dat is vaak niet het geval.
  • De facturen mogen geen diagnose vermelden.
  • Om te voorkomen dat de diagnose op de declaratie van de zorgaanbieder is te herleiden uit de vermelde productcode (generalistische basis-ggz) of dbc-code (gespecialiseerde ggz) dient u een zogenoemde dummycode te gebruiken. Deze zijn sinds 1 januari 2015 10B999 en 25B999 voor de volwassenen-ggz (in geval de patiënt gebruikmaakt van de opt-outregeling) en 10J999 en 25J999 voor de jeugd-ggz.
  • Als uw gemeente vraagt om een verwijsbrief of andere zorginhoudelijke informatie, dan mag u die niet geven. Deze informatie behoort in het patiëntdossier en niet elders.

 

Zodra er meer bekend is, zullen wij u nader informeren!

Ook interessant

Aanpassing artikel 13 opnieuw ter discussie

Nu de senaat in december tegen aanpassing van artikel 13 van de Zorgverzekeringswet heeft gestemd, komt het kabinet met een nieuw ...

Lees meer

LPGGz organiseert symposium Zelfmanagement en passende zorg

Bent u opzoek naar inspiratie en wilt u meedenken over passende zorg en zelfmanagement in de ggz? Kom dan op 27 ...

Lees meer