Over de LVVP

Uitvoeringsprobleem bij transformatie ggz-praktijken tot instelling en vice versa

Uitvoeringsprobleem bij transformatie ggz-praktijken tot instelling en vice versa

04-02-2016 Print

Deze week hebben wij alle zorgverzekeraars -en tevens Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en VWS- geïnformeerd over het uitvoeringsprobleem dat zich voordoet bij leden die zich in het kader van het kwaliteitsstatuut transformeren van vrijgevestigde ggz-praktijk naar ggz-instelling en vice versa. Zij krijgen deze transformatie niet op tijd rond om een passend contract te kunnen afsluiten met de zorgverzekeraars, omdat zij hiervoor een WTZi-toelating en vervolgens bij Vektis een passende agb-code (code 22) moeten aanvragen. De contracteringstermijn sluit bij veel zorgverzekeraars echter medio september.

We hebben de verzekeraars verzocht om flexibiliteit te betrachten richting de betreffende zorgaanbieders, zodat zij later dit jaar een passend contract kunnen sluiten, zodra alle formaliteiten rond toelating en de agb-code zijn afgerond. In het bestuurlijke overleg over het kwaliteitsstatuut hebben ZN/verzekeraars aangegeven zich ten aanzien van deze groep aanbieders (zowel degenen die gaan ontvlechten als degenen die gaan opschalen) coulant op te stellen.

 

Reactie CZ

CZ heeft inmiddels laten weten: “De in 2016 gecontracteerde vrijgevestigde aanbieders voor gespecialiseerde GGZ die collectief in 2017 een instelling gaan worden (i.v.m. het kwaliteitsstatuut) kunnen binnen de deadlines van de huidige procedure (30-09-2016) contact opnemen met CZ via inkoop.sggz.vv@cz.nl met de melding dat ze instelling (moeten) gaan worden. Daarbij hebben wij de AGB-codes nodig van de vrijgevestigde aanbieders die worden opgenomen in de te vormen instelling. Bij de verdere procedure om gecontracteerd te worden als instelling houden wij rekening met de doorlooptijd voor het aanvragen van een WTZi-toelating en een passende AGB-code. Voorwaarde is dat de vrijgevestigden het voorstel 2017 (gGGZ en gbGGZ) nog niet hebben geaccepteerd (dat betekent namelijk publicatie op de website als gecontracteerde vrijgevestigde) en niet meer op hun eigen AGB-code gaan declareren (hier wordt de declaratie van behandelingen bedoeld die in 2017 onder het nieuwe contract worden gestart). Alle declaraties komen ten laste van het omzetmaximum van de te vormen instellingen. De voorstellen als vrijgevestigde aanbieders worden door CZ ingetrokken op het moment dat de procedure als instelling wordt afgerond.”

 

Zodra we een reactie van de andere verzekeraars hebben ontvangen, stellen wij de leden daarvan op de hoogte. Ter verduidelijking schetsen we hieronder de complexiteit van een transformatie naar een instelling en vice versa.

 

Situatieschets

Een groepspraktijk voldoet niet aan de criteria van sectie II (vrijgevestigden), omdat bijvoorbeeld twee regiebehandelaren in loondienst zijn. Hierdoor voldoet de praktijk niet aan de eis van sectie II ‘niet-hiërarchisch tot elkaar verhoudende BIG-regiebehandelaren’. Ook werken deze regiebehandelaren niet voor eigen rekening en risico. De praktijk voldoet echter ook niet aan de criteria van sectie III, omdat deze praktijk niet beschikt over een aangevraagde WTZi-erkenning in de categorie ‘medisch specialistische zorg’. Onder welke sectie valt deze praktijk?
Of deze praktijk valt onder sectie II of sectie III is afhankelijk van een aantal factoren, zoals:

  • a. Op basis van welke agb-classificatiecode declareert u?
  • b. Wilt u de praktijk ontvlechten waardoor er geen sprake meer is van regiebehandelaren in loondienst of wilt u de loondienstconstructie behouden?
  • c. Is de praktijk een van rechtswege toegelaten instelling voor de categorie ‘instelling voor behandeling van gedragswetenschappelijke aard i.v.m. met een psychiatrische aandoening’?
  • d. Wilt u, gezien de consequenties van verplichte verantwoording, een WTZi-erkenning aanvragen voor uw praktijk in de categorie ‘medisch-specialistische zorg’? Onderstaand lichten wij deze factoren toe.

 

Ad. a. Op basis van welke agb-classificatiecode declareert u?
Declareert de praktijk op basis van een agb-classificatiecode die begint met de cijfers 94? De praktijk die van rechtswege is toegelaten als instelling conform de WTZi of de praktijk die niet van rechtswege is toegelaten én declareert op basis van een agb-classificatiecode 94, valt onder sectie II. Tevens dient de praktijk aan de eisen te voldoen die in het model-kwaliteitsstatuut zijn geformuleerd voor vrijgevestigden. Door het loondienstverband voldoet de praktijk niet aan de eisen voor vrijgevestigden. In het geval van de situatieschets dient de praktijk een keuze te maken:

  • of de praktijk ontvlechten waardoor er geen sprake meer is van regiebehandelaren in loondienst, waardoor elke regiebehandelaar in de praktijk het kwaliteitsstatuut voor vrijgevestigden moet invullen (sectie II);
  • of een WTZi-erkenning aanvragen voor de categorie ‘medisch-specialistische zorg’, waardoor de praktijk het kwaliteitsstatuut voor instellingen kan invullen (sectie III). Over beide varianten volgt onderstaand praktische informatie.

 

Ad b. Praktijk ontvlechten ten behoeve van sectie II vrijgevestigden
De LVVP adviseert u om te streven naar gelijkwaardige partijen/partners binnen de praktijkorganisatie. Het loondienstverband moet verbroken worden. Daarvoor zijn drie opties, waarvan de LVVP de eerste twee aanbeveelt:

  • Eenmanszaak: de regiebehandelaar in loondienst start een eenmanszaak. U kunt hierbij wel de kosten delen door gezamenlijk een kostenmaatschap te vormen of een overeenkomst te sluiten voor gemeenschappelijke kosten;
  • Maatschap/vof/bv: de regiebehandelaren die in loondienst zijn, worden maat c.q. partner in de maatschap/vof/bv. Op die manier is er geen sprake meer van hiërarchisch tot elkaar verhoudende BIG-regiebehandelaren. Ook werken de regiebehandelaren dan voor eigen rekening en eigen risico;
  • Opdrachtgeverschap: een ander mogelijk alternatief zou kunnen zijn dat u de regiebehandelaren als freelancer/zzp’er voor uw praktijk laat werken, al dan niet via een payroll-constructie. U wordt daarmee opdrachtgever voor de freelancer. Echter, wij kunnen op dit moment de consequenties daarvan niet overzien. Wij weten niet hoe zorgverzekeraars reageren op deze constructie. Wij adviseren u, als u toch kiest voor een freelanceconstructie, dit schriftelijk vast te leggen. U dient helder te beschrijven wat de afspraken zijn die u met de freelancer heeft gemaakt. Daarnaast zijn de volgende zaken van belang:
    • De freelancer dient meerdere opdrachtgevers te hebben. U dient deze werkwijze vast te leggen in een modelovereenkomst. De freelancer bepaalt zelf hoe hij de werkzaamheden doet. Let op voor een verkapt dienstverband. Er mag geen gezagsverhouding ontstaan. U kunt dan alsnog door de Belastingdienst beschouwd worden als werkgever. U dient dan mogelijk met terugwerkende kracht aan werkgeversverplichtingen te voldoen. Bovendien voldoet u dan alsnog ook niet aan het gestelde criterium ‘niet-hiërarchisch tot elkaar verhoudende BIG-geregistreerde regiebehandelaren’ van het kwaliteitsstatuut.
    • U dient de gecontracteerde zorgverzekeraar te informeren dat deze regiebehandelaar bij u in de praktijk werkt. Dit kan onder andere gevolgen hebben voor uw omzetplafond. U dient de freelancer ook in uw kwaliteitsstatuut te vermelden. Elke regiebehandelaar, ook de freelancer, dient het format-kwaliteitsstatuut voor vrijgevestigden in te dienen, inclusief alle benodigde bijlagen.

Ad c. WTZi-erkenning categorie ‘medisch-specialistische zorg’ t.b.v. sectie III (instellingen)
Uw praktijk dient een WTZi-erkenning voor de categorie ‘medisch-specialistische zorg’ aan te vragen als u de loondienstconstructie van BIG-geregistreerde regiebehandelaren in uw praktijk wilt behouden. Zowel de al van rechtswege toegelaten praktijken in de categorie ‘instelling voor behandeling van gedragswetenschappelijke aard i.v.m. met een psychiatrische aandoening' als de praktijken die niet van rechtswege al erkend zijn, dienen actief een WTZi-erkenning voor de categorie ‘medisch-specialistische zorg’ aan te vragen. Mogelijk moet hiervoor een klinisch psycholoog of psychiater betrokken worden bij uw instelling. Wij zoeken dit nog nader uit. U kunt alleen een agb-classificatiecode die begint met de cijfers 22 krijgen als u deze erkenning aanvraagt. De consequenties van deze WTZi-categorie leest u onderstaand. U dient het format-kwaliteitsstatuut voor instellingen in te dienen, inclusief alle benodigde bijlagen. Kortom, het is dus noodzakelijk om over een WTZi-erkenning in de categorie ‘medisch-specialistische zorg’ te beschikken voor uw kwaliteitsstatuut sectie III.
Declareert de praktijk op basis van een agb-classificatiecode die begint met de cijfers 22?
De praktijk die al een WTZi-erkenning voor de categorie ‘medisch-specialistische zorg’ heeft en/of declareert op basis van een agb-classificatiecode 22, valt onder sectie III. Het loondienstverband is toegestaan. De consequenties van deze WTZi-categorie leest u hier. U dient het format-kwaliteitsstatuut voor instellingen in te dienen, inclusief alle benodigde bijlagen.

 

Ad d. Consequenties WTZi categorie ‘medisch-specialistische zorg’
Voor instellingen die vallen in de categorie ‘medisch-specialistische zorg’ geldt een wettelijke verantwoordingsplicht die fors zwaarder is dan praktijken die al dan niet van rechtswege zijn toegelaten. Deze verantwoordingsplicht leidt tot een toename van uw administratieve lasten. Voordat u besluit een WTZi-erkenning aan te vragen voor de genoemde categorie, adviseren wij u om de documenten (zie de lijst onderaan dit artikel) waaruit de verantwoordingsplicht bestaat, zorgvuldig door te nemen en u te verwittigen van de consequenties voor uw praktijk. Daarnaast is het van belang dat u goed bent geïnformeerd over de eisen die zorgverzekeraars stellen aan instellingen die beschikken over een WTZi-erkenning. Een aantal zorgverzekeraars stelt namelijk aanvullende eisen aan deze instellingen bovenop de eisen die gesteld worden in het kwaliteitsstatuut.  

Als u besluit om een instelling te worden conform de criteria van sectie III, dan kunt u dat als volgt realiseren:
De aanvraag voor een WTZi-erkenning regelt u via CIBG. Via het invulformulier geeft u aan dat u een erkenning aanvraagt voor de categorie ‘medisch-specialistische zorg’. De volgende stukken moet u in ieder geval meesturen bij uw aanvraag:

  • Aanvraagformulier nieuwe toelating;
  • Statuten die voldoen aan de transparantie-eisen. Bij uw aanvraag mag u conceptstatuten meesturen. Zodra deze beoordeeld zijn, informeert het CIBG u of deze aan de transparantie-eisen voldoen, zodat u ze eventueel kunt aanpassen. U moet de akte daarna wel bij de notaris laten passeren; een toelating wordt pas afgegeven op basis van de definitieve statuten;
  • Verklaring transparantie-eisen rechtspersonen. Deze stukken stuurt u aan: Toelatingen zorginstellingen, Postbus 16114, 2500 BC Den Haag. Toetsing CIBG – Het CIBG beoordeelt uw aanvraag. Zij letten daarbij op de volgende onderdelen:
    • Welke rechtsvorm heeft uw organisatie?
    • Voldoet uw bedrijfsvoering aan de eisen die in de wet worden gesteld? Op het ledengedeelte van de LVVP-site treft u alle informatie aan die vanuit de WTZi gesteld worden aan de bedrijfsvoering. Deze documenten kunt u gebruiken als standaarddocument voor uw eigen praktijk. U kunt daar bijvoorbeeld ook uw eigen logo aan toevoegen.
    • Is er onafhankelijk toezicht op uw organisatie? Hoe u het toezicht dient te organiseren, treft u ook aan in de informatie die u vindt op de LVVP-ledensite. Het gaat om het instellen van een Raad van Bestuur, Raad van Toezicht en een Cliëntenraad.
    • Voldoet uw organisatie aan de beleidsregels van de Wet toelating zorginstellingen? Ook de eisen die hier bedoeld worden, kunt u terugvinden op de LVVP-ledensite. Onder deze eis valt ook dat u gehouden bent aan het aanleveren van prestatie-indicatoren (inclusief ROM). U dient jaarlijks de prestatie-indicatoren volgens de transparantiekalender via een gegevensmakelaar bij Zorginstituut Nederland (ZiNL) aan te leveren. Informatie over de prestatie-indicatoren en transparantiekalender vindt u hier en hier (kies bij onderwerp geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg (ggz)). De gegevensmakelaar van de geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg (ggz) is de Stichting Benchmark GGZ (SBG). Op de website van SBG vindt u informatie over hoe het aanleveren van de indicatoren in zijn werk gaat. De indicatoren voor de ggz bestaan uit 3 onderdelen:
      • Cliëntervaringsindicatoren (verkorte CQ-i ambulante versie GGz, zie site van SBG);
      • Effectiviteitsindicatoren (respons per zorgdomein, delta T op basis van ROM instrument, percentage afgesloten dbc’s met afsluitreden 1 en 14, zie site van SBG). Tevens bent u volgens het kwaliteitsstatuut verplicht om ROM-data bij SBG aan te leveren;
      • Veiligheidsindicatoren (deze worden bepaald door de Inspectie van de Gezondheidszorg, zie de informatie onder deze link. Indien u geen psychiater in dienst heeft en geen klinische zorg levert, kunt u de hoofdvragen alleen met nee beantwoorden);
      • U dient als instelling zelf een contract met SBG af te sluiten. Als u vervolgens ROM- en CQ-i data aanlevert bij SBG dan verlopen de onderdelen cliëntervarings- en effectiviteitsindicatoren in principe vanzelf. Daarnaast ontvangt u van SBG een vragenlijst voor de veiligheidsindicatoren. Op de site van SBG wordt vermeld welke stappen u dient te realiseren. SBG verzorgt de jaarlijkse aanlevering aan ZiNL;
      • Nadere informatie over het rechtstreeks aanleveren bij SBG kunt u krijgen bij uw praktijksoftware- en/of ROM-softwareleverancier. U kunt dus niet via de aanleverstraat voor vrijgevestigden bij SBG aanleveren;
      • Volgens het kwaliteitsstatuut bent u ook verplicht om ROM-data bij een benchmark, in dit geval SBG, aan te leveren.
    • Welk winstoogmerk heeft uw organisatie?

 

Er zijn geen kosten verbonden aan het aanvragen van een WTZi-toelating voor uw zorginstelling.
Het CIBG streeft ernaar om een aanvraag zo snel mogelijk af te handelen. Houd echter rekening met een behandeltermijn van maximaal 16 weken. Dien daarom ruim voor de datum dat u met de daadwerkelijke zorgverlening begint de aanvraag in.
De verantwoordingsplicht geldt vanaf het moment dat u de erkenning heeft ontvangen.
De onderstaande documenten kunt u terugvinden op het ledengedeelte van de LVVP over de WTZi (overzicht eisen vanuit WTZi):

  • Reglement Raad van Toezicht
  • Reglement Raad van Bestuur
  • Reglement Cliëntenraad
  • Jaarverslag GGZ Veenendaal 2014 versie 1 0
  • Overzicht eisen vanuit WKKGZ 08 Kwaliteitshandboek
  • Beoordelingsformulier
  • Crisisprotocol
  • Formulier leveranciersbeoordeling
  • Formulier melding incidenten
  • Formulier Verbetervoorstel kwaliteitshandboek
  • Formulier werknemersgegevens
  • Formulier Salarisstrook bekijken
  • Individuele Arbeidsovereenkomst GGZ Nederland conform CAO GGZ
  • Ontruimingsplan
  • Procedure directiebeoordeling
  • Procedure Evaluatie Suïcide en andere ernstige incidenten
  • Procedure interne audits
  • Procedure leveranciersbeoordeling
  • Verzuimprotocol
  • Klokkenluidersregeling
  • Beleid Dialoog Belanghebbenden

Ook interessant

Contractering 2017 op basis van leveringsvoorwaarden LVVP

Geïnspireerd op de huisartsenactie ‘Het roer moet om!’ riepen we onze leden afgelopen najaar op om ...

Lees meer

Zorgverzekeraars informeren consumenten onvoldoende

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft onderzoek laten doen naar de informatie die zorgverzekeraars telefonischaan consumenten geven. De meeste zorgverzekeraars voldoen ...

Lees meer