Over de LVVP

Veel gemeenten niet klaar voor invoering Jeugdwet

Veel gemeenten niet klaar voor invoering Jeugdwet

04-02-2014 Print

NVVP ziet toe op inlossing beloften en stelt klachtenmeldpunt in

De meeste gemeenten hebben nog geen afspraken gemaakt met zorgaanbieders over de voortgang van de jeugdzorg volgend jaar. Een zorgelijk beeld, zo schrijft voorzitter Leonard Geluk in de derde rapportage van de Transitiecommissie Stelselherziening Jeugdzorg (TSJ). Gemeenten hebben nog onvoldoende keuzes en beslissingen genomen om zich volledig te gaan richten op de jeugdzorg. Ook afspraken tussen regio's en bureaus jeugdzorg over een 'zachte landing' zijn nog volop in ontwikkeling, zo is te lezen in het rapport. De Transitieautoriteit Jeugd (TAJ) moet er onder meer voor gaan zorgen dat gemeenten en zorgverzekeraars zo snel mogelijk goede afspraken maken. De TAJ moet uiterlijk 1 april operationeel zijn. Gemeenten die op koers liggen om de verantwoordelijkheid voor de zorg van jongeren per 1 januari 2015 op zich te nemen, krijgen een pluim. Maar, zo waarschuwt het rapport, dat is niet het landelijke beeld. Gemeenten en partners moeten prioriteiten stellen, keuzes maken en besluiten nemen. Alleen dan kunnen ze op tijd klaar zijn, zo luidt het advies.

De Eerste Kamer heeft halverwege februari ingestemd met de nieuwe Jeugdwet. Hierdoor worden gemeenten vanaf volgend jaar verantwoordelijk voor alle zorg voor jongeren. De Tweede Kamer stemde in oktober al in met de Jeugdwet. Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel is door verschillende partijen aangegeven dat zij zich zorgen maakten over de wijze waarop het inkoopproces plaatsvindt. Na langdurig overleg zijn de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG)  en  Zorgverzekeraars Nederland (ZN) onder andere overeengekomen dat:

  • gemeenten vanaf 2015 inhoudelijk en budgettair verantwoordelijk zijn voor de inkoop van jeugd-ggz. Zij worden hierbij ondersteund door de zorgverzekeraars.
  • bij de inkoop wordt gekozen voor inkoop door 42 regio's. Deze regio's vormen de organisatorische en inhoudelijke basis. Per regio wordt één zorgverzekeraar aangewezen die deze adviesrol vervult. De eerste helft van 2014 wordt door gemeenten gebruikt voor scholing van hun inkopers en overdracht van kennis en informatie. De feitelijke inkoopgesprekken met de aanbieders zullen plaatsvinden vanaf juli 2014.
  • Ook met betrekking tot de randvoorwaarden zijn de partijen tot overeenstemming gekomen. Afgesproken is dat gemeenten in elk geval tot en met 2017 voortgaan met de huidige productstructuren (zorgzwaarteprestaties voor de generalistische basis-ggz en de DBC's voor de gespecialiseerde ggz). Binnen deze periode van drie jaar wordt overwogen of de huidige productstructuur gecontinueerd wordt of dat voor een ander bekostigingssysteem gekozen wordt. De VNG bekijkt of het voor de afhandeling van administratie en facturatie van de jeugd-ggz mogelijk is om aan te sluiten bij het huidige Vecozo-portaal van de verzekeraars.

De NVVP maakt zich met alle branchepartners vooral zorgen over de toekomst van de geestelijke gezondheidszorg voor jongeren. Nu valt die zorg nog onder de Zorgverzekeringswet en verwordt met de transitie van een recht op zorg tot een zorgplicht. Hierdoor wordt de kwaliteit van de zorg afhankelijk van de woonplaats. Bovendien moeten ook gemeenten bezuinigen. Hierdoor bestaat het risico dat kinderen niet meer de juiste behandeling krijgen, omdat er bij gemeenten onvoldoende deskundigheid is.

Tijdens de behandeling van de Jeugdwet zijn door de diverse politieke partijen tal van moties en amendementen ingediend. Ook hebben de beide staatssecretarissen in de debatten met de beide Kamers diverse toezeggingen gedaan. De NVVP gaat erop toezien dat deze beloften worden ingelost.

Meldpunt voor klachten jeugd-ggz

Bij de behandeling van de wet hebben verschillende politieke partijen aangeven dat zij het hele proces van de decentralisatie op de voet willen volgen. De termijn waarop de evaluatie van de wet plaatsvindt is verkort van vijf naar drie jaar. Er is daarbij tevens nadrukkelijk aandacht gevraagd voor de positionering van de jeugd-ggz en om jaarlijkse begrotingsinformatie over de kwaliteit en toegankelijkheid van het jeugdhulpsysteem in relatie tot de financiële randvoorwaarden voor de gemeenten. De NVVP wil graag bijdragen aan deze evaluaties. Om deze reden hebben wij een speciaal e-mailadres opengesteld waarnaar klachten verstuurd kunnen worden. Klachten over de wijze waarop gemeenten met jeugd-ggz en de betreffende zorgaanbieders omgaan, kunt u sturen naar: meldpuntkindenjeugd@lvvp.info.

Meer over de ins en outs van de transitie in onze uitgebreide kwartaalnieuwsbrief over de overheveling van de jeugd-ggz naar de gemeenten, die leden van de NVVP op 10 maart per e-mail hebben ontvangen. 

 

Werkbaarheid van de ggz-productstructuur

Op 3 april vergadert de Vaste Commissie voor VWS over de transitie jeugdzorg. Op de agenda staat onder andere de brief van 10 februari 2014 over de afspraken zorginkoop jeugd-ggz. Na de transactie in de jeugdzorg blijft de huidige productstructuur gehandhaafd. De gezamenlijke beroepsverenigingen van psychologen, pedagogen en psychotherapeuten (NIP, NVP, NVO, NVVP en LVE) hebben de leden van de Vaste Kamercommissie vorige week een brief geschreven waarin ze ervoor pleiten om bij de monitoring van het productmodel nog eens goed te kijken naar de werkbaarheid van dit model in de jeugd-ggz.
Psychologen, pedagogen of psychotherapeuten die met kinderen werken in de basis-ggz zijn terughoudend in het toepassen van classificerende diagnostiek in een beperkt tijdsbestek. Binnen de huidige generalistische basiszorg zijn de knelpunten van deze systematiek waarmee vanaf januari 2014 -ook voor de jeugd- gewerkt wordt inmiddels duidelijk zichtbaar geworden. Dat geldt vooral voor problemen die niet strikt volgens de DSM classificeerbaar zijn, maar die toch duidelijk professionele begeleiding behoeven om te voorkomen dat er een stoornis ontstaat. De productstructuur biedt bij kinderen onvoldoende ruimte om 'procesdiagnostiek' toe te passen waarmee gaandeweg bekeken wordt met welke ondersteuning, hulp of behandeling het kind en/of zijn opvoeders het meest geholpen zijn.
 Bij de behandeling van de Jeugdwet  is afgesproken dat de wet na 3 jaar geëvalueerd wordt.  De gezamenlijke beroepsverenigingen willen dat er binnen de termijn van 3 jaar onderzocht wordt of het huidige model toepasbaar is of aanpassing behoeft. Daarnaast stellen de gezamenlijke beroepsverenigingen voor de korte termijn een pragmatische oplossing voor om de gb-ggz voor de jeugd beter uitvoerbaar te maken, namelijk het toepassen van het volledige DSM-classificatiesysteem, inclusief de aanpassingsstoornissen en de V-codes.

Ook interessant

In ”™t kort

Beknopte info over de hoogte van het eigen risico van jongeren die in de loop van het kalenderjaar 18 jaar worden ...

Lees meer

Oproep Stichting Postacademische (G)GZ-opleidingen Amsterdam

Vacature hoofdopleider psychotherapie m/v 0,2 fte

Lees meer